Nieuws
   Contact

maandag 05 januari 2009

Onder druk afgelegde verklaring niet geldig.
                 Onduidelijkheid over interpretatie gevolgen Salduz-arrestOp 27 november 2008 heeft het Europees Hof voor de rechten van de mens ( EHRM ) uitspraak gedaan, in de door de heer Salduz tegen...

Lees meer

dinsdag 25 november 2008

Lijfsdwang en alimentatie
Lijfsdwang en niet betalen van alimentatieWanneer een alimentatieplichtige halsstarrig en zonder –aantoonbare- goede reden weigert, om de hem door de rechter opgelegde alimentatie te voldoen, kan de rechter in het uiterste...

Lees meer
Nieuws
Mislukte poging tot zelfmoord.
woensdag 08 oktober 2008 00:00
Wie betaalt de ziekenhuis rekening na een mislukte poging tot zelfmoord ?

De kantonrechter te Rotterdam heeft bij vonnis gewezen op 15 april 2008, een man die geprobeerd had zich van het leven te beroven, welke poging echter niet was gelukt, veroordeeld tot de betaling van de ziekenhuisrekening.

Het bijzondere van deze casus was, dat de man de aangeboden medische behandeling had geweigerd en zich daarom op het standpunt stelde, dat hij tegen zijn wil was behandeld. De kantonrechter stelde de man in zoverre in het gelijk, dat hij oordeelde dat er geen ?behandelings-overeenkomst was tot stand gekomen.
De kantonrechter oordeelde evenwel dat het ziekenhuis als zaakwaarnemer de belangen van de man had behartigd.
Zaakwaarneming is het zich willens en wetens en op redelijke grond inlaten met de behartiging van het belang van een ander, zonder de bevoegdheid daartoe aan een rechtshandeling of een elders in de wet geregelde rechtsverhouding te ontlenen.

In zijn arrest van 19 april 1996, had de Hoge Raad overigens overwogen dat belangenbehartiging tegen de wil van degene wiens belangen worden behartigd, niet kan gelden als zaakwaarneming in de zin van de wet, tenzij sprake is van uitzonderlijke omstandigheden. Hoewel de Hoge Raad voorts niet heeft aangegeven wanneer sprake is van een dergelijke uitzonderlijke omstandigheid, is in de literatuur het standpunt ingenomen dat de belangenbehartiging van een persoon die een poging tot zelfmoord heeft gepleegd, zo een omstandigheid is.

Ook in het geval waarin degene wiens belangen behartigd gaan worden, dit op voorhand uitdrukkelijk heeft geweigerd, doet deze weigering niet af aan de twijfel die de belangenbehartiger heeft over het antwoord op de vraag of de op dat moment geopenbaarde wil in overeenstemming is met de daadwerkelijke wil.